Vandaag trokken we met onze bende richting Lamin Lodge voor een boottochtje tussen de mangroves. Maar eerst kregen we een spoedcursus “Oesters 101”. Blijkbaar worden de oesters hier gewoon uit de mangroves geplukt. Overal lagen indrukwekkende bergen oesterschelpen, een soort natuurlijke monumenten van “hier is hard gewerkt”. Rauw eten? Geen goed idee. Tenzij je droomt van een zeer intense, exclusieve en langdurige relatie met je toilet.
Tijd om in te schepen in onze “pirogue”, de kleurrijke, houten uitgeholde kano’s die hier gebruikt worden op de rivier en zelfs op de oceaan. De bootjes lagen aangemeerd in het water. En daar hadden we niet helemaal rekening mee gehouden.
Maar geen paniek. Enter de “Cleopatra’s” en “kings & queens” van het SJI! De Gambiaanse peddelaars tilden ons één voor één in en uit de bootjes alsof we net uit een koninklijke Netflix-serie kwamen.
We voeren langs oesterbanken en zagen vrouwen in hun kano’s elegant voorbijglijden met hun oogst. De tocht door de smalle mangrovegangetjes was spannend. Sommigen genoten van het zonnetje, anderen dachten vooral: “Als we hier kantelen, lig ik tussen de oesters.” Af en toe klonk er een enthousiaste gil, kwestie van de lokale fauna ook even wakker te houden.
Halverwege maakten we een stop bij de iconische baobabbomen. Onze gids stelde ze voor als: papa tree (you know), mama tree (you know) en son tree (you know). Het was een gidsbeurt in sneltreinvaart (uitzonderlijk tempo voor Gambiaanse normen), maar toch slaagde hij erin om ongeveer honderd keer “you know” te zeggen. Of zoals Sterre het perfect zou samenvatten: “Snap je.”
Na de boottocht vertrokken we om 14 uur van Lamin Lodge richting lunchplek in Kartong. Volgens Bobby een “kort ritje” tot aan de grens met Senegal.
Onderweg veranderde de bus langzaam in een live-opname van: “Is’t nog ver?”, “Zijn we er bijna?”, “Are we there yet?” en “Hoe lang nog?” De magen gromden, de wensen voor het avondmaal van zaterdagavond in België werden grootser: pasta, pita, kip (maar welke soort kip?), pizza… Ondertussen zaten vijf Gambianen braaf te vasten. Respectniveau: hoog. Hongerniveau bij de rest: nog hoger.
Na het (avond)maal stopten we nog bij de “Gunjur Sand Dune Mosque”. Van buitenaf en van op afstand prachtig. Van dichtbij zie je helaas dat onderhoud geen prioriteit is. Jammer, want het blijft een indrukwekkende plek.
Terug in de compound wachtte ons… nog een maaltijd. Want waarom niet? De meesten keken met een blik van “ik kan echt niet meer”, maar Thibeau dacht: all you can eat? Challenge accepted.
Na de afwas verschenen plots boekjes en pennen op de tafel. Boodschappen werden geschreven, herinneringen vastgelegd, binnenpretjes vereeuwigd. Het is duidelijk: het einde van deze inleefreis sluipt dichterbij. Maar eerst nog twee nachtjes slapen. You know.
Slaapwel!
Team Gambia
Reactie plaatsen
Reacties
Wat een geluk dat de Gambianen zo vriendelijk waren om de hele groep naar de boot te dragen! Ik denk niet dat men in Antwerpen zoiets zou doen.
Indrukwekkend zijn ook de mangroven. Dank om dat te leren kennen zonder dat we ons moeten verplaatsen. Wat een reis!!
Ik wil nu al de schrijfster bedanken voor de boeiende, vrolijke verslaggeving met de vele foto's: PROFICIAT en knap gedaan want ook voor u zijn het "lange, indrukwekkende dagen".
De tieners zullen zich hard moeten aanpassen aan het schoolse ritme en mogen blij zijn dat ze gewoon naar school kunnen gaan.
Geniet nog effe van zon, zee, en vriendschap.
Hoera voor Sofie vandaag (26/02)! Geniet van je verjaardag :-)